WANDELEN met de Here Jezus

 

Op een heldere herfstochtend, zat ik aan de ontbijttafel, denkend, “zeker, ik heb de laatste tijd veel problemen gehad.

Problemen op het werk, problemen thuis, ik moet echt tijd nemen om erover te bidden.”

Plotseling, voel ik aan dat iemand achter mij de kamer in was gelopen.

Ik draaide me snel om en bracht er haperend uit, Here Jezus! Wat doet U hier?”

De Here Jezus stond in mijn deuropening! Ik wreef in mijn ogen —was Hij het echt?

Ja, alles nagekeken, vanaf het punt van het witte zoomloze gewaad tot aan het zwak glimmende rondom Zijn hoofd.

“Dat is …errr… het is niet dat U niet hier zou moeten zijn. Ik ben gewoon er niet aan gewend dat U afdaalt in en met zulk een fysieke vorm,” stamelde ik.

Dit onverwachte bezoek maakte mij onzeker. Vaag vroeg ik mijzelf af of ik iets verkeerd had gedaan.

Hij glimlachte en het licht in zijn ogen verhelderde. “Zou je met mij een wandeling willen maken?” informeerde Jezus.

Uhmm…waarom …ah… zeker!” antwoordde ik.

En dus wandelden wij samen naar beneden naar de kleine landweg die langs mijn huis loopt.

Langzaam, begon de waarheid bij mij te dagen en ik mompelde tegen mijzelf,

“Wat een ongelooflijke kans! Hij heeft al de antwoorden op mijn problemen — mijn relaties — werk — mijn zorgen over de toekomst — familieproblemen.

Al wat ik heb te doen is het aan Hem te vragen.”

Wij wandelden rustig voor meerdere minuten, toen richtte ik mij tot Hem.

“Excuseer mij Here Jezus,” zei ik, “maar ik heb wat advies nodig over een heel moeilijk probleem.” Voordat ik kon eindigen, bracht Jezus zijn vingers naar zijn lippen en hield zijn hoofd schuin op zijn kant. “Sjhh….Hoor je dat?” Vroeg Hij.

In het begin hoorde ik niets. Maar toen hoorde ik het zwakke geluid van water naar beneden tuimelend over rotsen van een nabijgelegen beek, onder de overhangende herfstbladeren. De Here Jezus zuchtte, “Is dat niet mooi?” Ja, veronderstel ik.

Ik was totaal afgeleid in mijn gedachtengolf.

Ik wachtte een paar minuten om respect te tonen en flapte er toen uit, “Here Jezus, ik heb mij zorgen gemaakt over mijn gebedsleven. Dingen zijn vreselijk leeg geweest. Nu, volgens de boeken die ik heb gelezen….”

Hij deed zijn arm om mijn schouder. “Stil, hoor je het?” Vroeg Hij weer.

Kinderen waren aan het spelen in de nabijgelegen weide. En weer, glimlachte Hij.

“Is het niet prachtig?” riep Hij uit. “Zeker, nu dat U het noemt.”

Dan voegde ik lichtgeraakt toe, “U weet dat ik ook van kinderen hou.”

Wij wandelden verder. Een verschrikkelijke gedachte doemde op. Wat als ik deze kans kwijt raak” Hier waren al de antwoorden op mijn problemen, gewoon bij mijn elleboog!

Jezus weet de diepste geheimen van het universum, van liefde en van dood.

Als laatste redmiddel, besloot ik met Hem te spreken over religie.

Ten slotte, dat is zijn richtlijn van het laten werken. “Here Jezus,” waagde ik mij, “ik vroeg mij af wat U zou denken over het conflict in moderne Bijbelse wetenschap tussen….?

Hij onderbrak het nogmaals door een vriendelijke arm om mijn schouders te slaan en ik beet op mijn tanden. Jezus stopte en raapte zwijgend wat steentjes op van de kant van de weg. Een jongensachtige grijns kruiste Zijn gezicht. “ Ik wed dat je de top van die telefoonpaal niet kan raken,” daagde Hij uit.

Ik was verbijsterd. Van alle dingen, waarom! En van Jezus zelf!

Dit was niet iets dat ik verwachtte van de Tweede Persoon van de Heilige Drie-eenheid.

Als jullie God zouden zijn, zouden jullie niet een beetje meer serieus hierover zijn?

Hij gooide terloops een steentje richting de paal. Het welfde zwijgend door de lucht.

Hmmmm. ……Jezus miste!

Mijn terneergeslagen zijn werd verdiept, maar toch bukte ik om zelf wat steentjes op te pakken. Wat kon ik anders doen? Weifelend, gooide ik het in de richting van de paal. Poging! Ik raakte de paal. Jezus keek trots naar mij en grinnikte. “Hey, jij bent goed,” zei Hij.

Zoals wij verder slenterden, werden de knopen in mijn maag strakker.

Telkens als ik over iets belangrijks wilde praten, was er een onderbreking.

Wat blauw vervagende cichorei zou door de wind worden geschuierd of een vlinder zou een met mos bedekt paaltje ophelderen.

Ten slotte eindigde onze wandeling. Ik was zo van streek dat ik mij niets kon bedenken om te zeggen.

Onder zijn golvende donkere baard, had Jezus een zachte en speelse lach.

Toen Hij zich omdraaide om te vertrekken, intensifieerde het Licht in Zijn ogen.

Jezus liep naar de deur, keek over Zijn schouder naar mij en zei, “Stop gewoon om het met moeite te proberen.”

Schrijver: David Juniper

Vertaling: Anja

Geef een reactie